De Gelderse stedelijke muntslag vond plaats vanaf de 12e eeuw tot en met de 17e eeuw. Steden als Nijmegen en Zutphen waren het meest actief maar ook munthuizen uit Anholt (nu Duitsland), Arnhem, Elburg en Zaltbommel sloegen munten. In 1694 stopte in zowel Zutphen als Nijmegen de muntslag. Beide steden waren met de Staten-Generaal overeengekomen om hun eeuwenoude muntrecht af te kopen. Voor Nijmegen ging het bijvoorbeeld om een afkoopsom van 4.000 gulden per jaar, een fortuin in die tijd!